Verhalen uit het gekkenhuis

20/12/2018

Noem hem liever niet gek, dat vindt hij maar een dom woord. ‘Totaal krankzinnig’ vindt hij een gepastere bewoording om zijn mentale gesteldheid te beschrijven. Op zijn 26e werd Maarten Biesheuvel voor het eerst opgenomen in de psychiatrische instelling Endegeest voor zijn manische buien, periodes van depressie en levensangst. In zijn nieuwe bundel Verhalen uit het gekkenhuis neemt hij lezers mee naar de achterkamers van zijn brein.

 

 

Biesheuvel weet op een ontroerende wijze zijn worstelingen met het leven op papier te zetten. In een reeks verhalen maakt de lezer kennis met de auteur in al zijn gemoedstoestanden. Wanneer hij in een goede bui is, herleest hij het liefst Moby Dick, één van zijn tachtig favoriete boeken. Op een slechte dag verdwaalt hij in een vredig Hollands landschap of ontspoort hij volledig op een cruiseschip om vervolgens weer opgenomen te worden in het ‘gekkenhuis’.

"Hij wil net zoveel publiciteit krijgen als Jezus."

Een terugkerend personage, waar hij zich met vlagen mee identificeert, is ‘de Verlosser’. Hij bestaat alleen in het hoofd van de auteur en komt eens in de zoveel tijd de mensheid verlossen van het kwaad. Wanneer de Verlosser op reis is, spreekt hij zijn eigen taal: “Iek fortunatus et electus. Ja, filius Patris et Sancti Spiritus. Verstanden?” Wanneer Biesheuvel weer bij zinnen is, schrijft hij deze psychotische waanideeën toe aan zijn streven om net zoveel publiciteit te krijgen als Jezus.

 

Met deze fantasieën brengt Biesheuvel zichzelf en zijn omgeving echter in gevaar. Hij moet regelmatig tot zinnen worden gebracht met antipsychotische middelen of zijn bui uitzingen in de isoleercel.

 

Zijn verhalen zijn vaak absurd, maar werken verrassend goed om de lezer mee te nemen in zijn manische depressie. Hij weet vooral te ontroeren door zijn angst voor de wereld te beschrijven.

In het verhaal ‘Een Overtollig Mens’ laat hij bijvoorbeeld zien hoe eenzaamheid voelt wanneer niemand je begrijpt. “Er zijn mensen op de wereld die er droevig aan toe zijn, [...] ellendige eenlingen die huilen in bed voor het slapen gaan, juist zij hebben een beetje liefde meer dan wie ook nodig, maar ze krijgen het niet.” Zo introduceert hij Johan, een overtollig mens en kluizenaar, die al vijftien jaar aan het promoveren is, maar wordt tegengehouden door zijn existentiële angsten.

"De bundel is soms even verhelderend als verwarrend."

De verhalenbundel wordt afgesloten met een interview met psychiater en goede vriend Andy Lameijn. Het interview toont de andere kant van het verhaal: de behandeling van Biesheuvel. Lameijn  probeert Biesheuvel met een psychiatrisch onderzoek meer grip op zijn leven te geven. Ook doet Lameijn een poging verschillende waanideeën te verklaren. Zo komt de lezer dichterbij in het ontrafelen van Biesheuvels fantasieën.

 

De schrijfstijl van het boek is een letterlijke vertaling van Biesheuvels hersenspinsels. Hierdoor is deze bundel soms even verhelderend als verwarrend. Als lezer word je ondergedompeld in psalmen, dromen, of onnavolgbare woordenreeksen. Gelukkig sluit dit volledig aan bij de stijl die men mag verwachten van ‘de beste gekkenhuisverhalen’.  

Eindoordeel: 

🍌🍌🍌🍌

 

 

Please reload

 POPULAIRSTE ARTIKELEN 
Please reload

Contact redactie [at] geenkwats [punt] com

GeenKwats anno 2016

Website ©2019 Created by GeenKwats